Kroondomein.com

Tweede open brief aan Mathijs

mathijsGeinig Mathijs,

Onze levensontwikkelingen beginnen steeds meer parallellen te vertonen. Dat begon al toen wij beiden op gelijk niveau tegen elkaar squashten. Dat was ruim vijf jaar geleden, jij was toen een jaar of veertien en stond sinds enkele weken op de baan. En ook ik werd, zoals jij het afgelopen seizoen tijdens de grote finale, in 1996 2e bij de Clubkampioenschappen van Squash Alkmaar.

Mijn bokaal, Plate C Heren, prijkt vanzelfsprekend nog in mijn werkkamer. Want uiteindelijk moet daar ook dagelijks prestaties worden neergezet. Zoals jij dat nu doet met het leggen van vloeren. Ook weer zo’n overeenkomst. Want ook ik zat op jouw leeftijd in de vloeren. In rubbervloeren van Rubbegreifabriek Vrèdestèn in Lâhsdùine, een staswèk van De Haag. Ik legde ze nie maah werkte op de afdeiling vekaup. Maar toch… ik zat ook in de vloeren. Over jouw en mijn lijdensweg met die Chinezen hebben we het vorige keer al uitvoerig gehad.

Dan die hardselling van jou op de Caulfield Racingcourse, in zo’n Koninginnedagsfeertje, roept bij mij weer herinneringen op van zo’n zelfde dag, begin jaren zestig. Hartje Den Haag prikte ik elke passant een oranje speldje op, om vervolgens gulzig m’n hand op te houden. Dat gaf me een lekkâh pagtètje kwagtjes en dubbeltjes die weâh voâh patatjes en Pepsi Caula wâhde ingewisseld.

Nu jouw succesvolle carrière zo in een stroomversnelling is geraakt, er Australische Pleuro’s op de bankrekening moeten komen om die Kangoeroes nog langer van jouw aanwezigheid te laten genieten, kan ik je misschien nog enkele tips aan de hand doen. En eigenlijk zijn ze heel simpel, want we zetten gewoon de gelijkenissen met mijn carrièreverloop voort. Zodra het laatste tegeltje is gelegd, adviseer ik je vooral met de grond door te gaan.

Nou niet leggen, maar schoonmaken. Zoals ik, wederom jaren zestig, bij een groothandel (ja wel) één emmer, één bezem en één dweil (XXL) kocht om mijn eigen portiekenwijk te beginnen. De pogtieke van de Zùiderrepagkbuâht en Morgenstond (dit voâh de kenners), hebben nadien nooit meer zo geblonken. Veel gele flappen heb ik zo bij elkaar weten te dweilen. Helemaal leuk werd het als het had gevroren. Want ook dan, slechts met de bezem, trok ik mijn wijk in om het vuil weg te vegen. Niet onder het tapijt, nee gewoon richting stoeprand, waar mijn collega’s van de Haagse Gemeente Reinigingsdienst het ’s Maandags netjes kwamen ophalen. Jemig, dat ik met die reinigingsrakkers nooit een fusie ben aangegaan. Had ik nou mooi een beursnotering te pakken, van laten we zeggen De Gemèntelijke Krâhndwèl*.

Dat had pas Big Business geweest, zeker omdat het Haagse Gemeente Bestuur gewend is om te dweilen met de kraan open. Kijk, dat dweilen was dan wel mooi de verantwoordelijkheid van De Gemèntelijke Krâhndwèl, waar ik dan natuurlijk nog steeds grootaandeelhouder van zou zijn. En wat denk je van die lekkende tramtunnel. Ook voor die eeuwige Metro-drup kennen ze toch niet om de Gemèntelijke Krâhndwèl heen. En da’s geluk? Welnee jôh, dat moet je afdwingen.

Kijk Mathijs, daar zit dus ook voor jou handel in. Gewoon een portiekenwijk beginnen. Haal de Hollandse Dweil over de vloer. Pak daar in Melbourne een paar hoogbouwtjes en je bent gesteld. Houd er dan wel rekening mee, dat bij alléén aanvegen van zo’n megatrappenhuis (bij vorst) je dit in goed overleg doet met de Gemeente Reiniging. Want ùit zaun wolkenkrabbâh ken me toch een pagtètje stof kaumen… En doe dan wat ik dom genoeg niet deed. Doe, naar een paar weken samenwerking, een bod op die Gemeentelijke Reiniging. Je kossie is dan gekocht man. Trouwens, als er bij vorst alleen maar valt aan te vegen, kan je mooi voor de lokale poelier de kalkoenen rondfietsen. Vooral door dat grappige accent van je, kan je een leuk bedraggie aan tip verwachten. En vergeet vooral niet een bundertje kerstbomen te kopen. Sla een simpel kruisie onder die sparren. Rangschik ze binnen de touwen geraffineerd in rijen van zes, mooie voor, kalen tussendoor en ze vliegen rond de kerst je klauwen uit.

Pak daarna lekker even een paar weekie’s rust, om vervolgens de volgende uitdaging aan te gaan. Buit hierbij opnieuw je Hollandse afkomst uit. Denk aan Vincent van Gogh en zijn beroemde Aardappeleters. Ga in de patat man! Zoek op A-lokatie een neringdoende, die door Ronald MacDonald vernietigd dreigt te worden. Leg ‘m uit dat die MKZ-hamburgers hun langste tijd hebben gehad en dat er vanuit Holland een trend komt overwaaien. Vertel dat Vincent van Gogh, met het schilderij de Aardappeleters, waarvoor de buitenlanders in Amsterdam in de rij staan, zijn roem aan de patatten heeft te danken. Leg uit dat wij hier meester Bintje hebben, een roemrijke Fries, ja van die beroemde Elfstedentochten, die in Zeeland, ja wat toen zo onder water is gelopen en wat Hansje Brinkers met een vinger in de dijk heeft verholpen, die een speciale Vlaamse patatterik-aardappel heeft geteeld, waarvan door de hele Benelux puntzakken vol van worden leeggegeten. De MacDonalds van De Lage Landen zijn ten einde raad.

Lieg voor mijn part bij elkaar dat de typische Hollandse uitdrukking, ze eten de oren van m’n hoofd, slaat op de patattekes en verwijs daarbij naar dat ene verloren oor van Vincent van Gogh. Fantaseer door, want de Australiërs zijn er gek op. En kom op het juiste moment to the point. Want jij wil het bedrijfje van die armlastige neringdoende wel uit het slob halen, door vol in de tegenaanval te gaan tegen MacDonald. Schil z’n piepers, pit de pitten, snijdt ze in de jou bekende reepjes, bak ze voor en show hoe ze afgebakken de puntzak ingaan. Vergeet daarbij het puntigste deel van het zakje niet dicht te knijpen, om zo wat patatjes uit te sparen. Jaag een kluit witte mayonaise over de friet en prijs Australië gelukkig met de MacThijs Patatjes. Jemig, wat vertoont onze carrière veel gelijkenissen.

Groeten,
Arnold
0806

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading Facebook Comments ...
|
dis©laimer - Site by - Dutch Design Office