Kroondomein.com

Toegift

ik hou van mij

Via FaceBook kwam er een gedicht langs met de naam: “Ik hou van mij.” Een pracht gedicht, waarvan het thema mij wel bekend voor kwam. Door daarover mijn brein te scannen, kwam ik uit op de Haagse conferencier “Oh o Den Haag Harry Jekkers”. Het gedicht bleek een gecomprimeerde versie van de song uit De Lachende Piccolo van deze Haagse woordkunstenaar te zijn.

Onwillekeurig bracht die titel bij mij een stelling naar boven: “Mijn leven heb ik geleefd.”
En is beëindigd bij het overlijden van mijn Truus. Het applaus dat mijn vrouw tijdens haar afscheidsviering kreeg, toen ik samen met mijn zus haar op een baarwagen naar haar laatste aardse plek bracht, beschouw ik ook een beetje als mijn applaus. Alle episodes van ons leven hadden we gehad.

Alleen was ík direct in de gelegenheid om een toegift te geven. Zo ervaar ik vooralsnog mijn status-quo. Dat is niet verdrietig bedoeld, verre van. Ik voel mij er ook absoluut niet zielig onder. Ik vier met volle teugen dat laatste stukje leven. Ik schrijf, ik wandel, ik lach, ik verbaas, ik ga er op uit, ik geniet… Maar, ik ontmoet niet meer.

Dat komt ook heel erg, doordat wij rond mijn veertigste van het Haagse naar Alkmaar verhuisden. Ons totaal sociale leven achter ons latend, om mijn carrière hier verder gestalte te geven. Maar ook mijn bloedgabbertje, slechts twee dagen jonger, raakte ik voor onze vijftigste levensjaar al kwijt. Een ander maatje verhuisde en overleed ook jong, in het hoge Noorden.

Een hechte, Alkmaarse vriendschap van zo’n tien jaar ging verloren, doordat dat gabbertje minder een gabbertje bleek te zijn, toen hij zijn geboorteplaats voor de hoofdstad verruilde. Een verhuizing waarbij hij ook zijn voetbalkluppie achterliet, om veertig kilometer verder de supporterssjaal met drie andreaskruisen om te doen. Later verloor ik nog eens twee maatjes van het vrouwelijke kunne, die met kutnijd een stoelendans rond mijn ziekbed maakten. Leeftijdgebonden, maar misschien ook door mijn solistische gedrag, werd verdere vriendschapsaanwas steeds moeilijker.

Na mijn volksverhuizing heb ik eigenlijk een belangrijke fout gemaakt. In het Alkmaarse zette ik het tourfietsen niet door, terwijl ik nota bene destijds binnen een wielervereniging een tourclub had opgericht. Altijd tegenwind, als ik met zo’n tachtig kilometer in de benen in westelijke richting naar huis fietste, ging mij tegenstaan. Ik zocht een andere tak van sport, waarbij ik, achteraf gesproken, een verkeerde keuze had gemaakt.

“Je leven begint bij veertig,”, heb ik te letterlijk genomen. Ik begon met squashen. Meer dan een recreatief spelletje kon dit niet meer worden, daarvoor was mijn motoriek te ver ingesleten. Toch speelde ik veel en genoot van het spelletje én van de vreselijk vrolijke nazit. Squashtechnisch gesproken was ik al een ouwetje, kreeg daardoor ook een vijftien jaar jongere vriendenkring. Toen eenmaal mijn squashracket aan de willigen hing, bleef ik de sport trouw, door nog tien jaar in de lokale krant over de competitie te schrijven. Eufemistisch gesproken hield mij dit wel uit de anonimiteit.

Ook voor veel van mijn maten kwam de tijd, om het squashen aan een volgende generatie over te dragen. Voetbal, AZ dus, werd het bindmiddel, juist op het moment dat AZ weer Europees voetbal ging spelen. Als fan van plezier reisde ik met een vriendenclub af naar Duitsland, Engeland en Spanje, om effe een wedstrijd te zien, om daarna ter plekke een week lang lol te maken. Vele van die vrolijke momenten hebben mijn dagboek, www.kroondomein.com, gehaald.

Maar ja, het AZ fanatisme wilde bij mij niet groeien. Bij al de wedstrijden die ik in De Hout en later in het nieuwe stadion heb meegemaakt, werd er voor mij pas in de derde helft gescoord. Ik zag er niets in om veertiendaags in het stadion te zitten, dus haakte ik daarop af. Waarmee eveneens een bindmiddel verdween.

In de loop der tijd was mijn Truus het liefst op zichzelf, of liever gezegd, samen met onze diertjes. Nog steeds bleven wij leuke dingen doen. Maar, achteraf gezien, liep al heel lang haar spirit terug. Lijkt mij dat haar verouderingsproces aan de typhus kankâh, door haar hele lijf uitgezaaid, valt toe te schrijven. Helaas kan ik nu niet meer dan begrip hebben, voor haar verlangen om het liefst samen te zijn. Ons sociale leven versoberde, iets wat ik als een erfenis met mij meedraag.

Wat ik altijd aan vreemde, ouwe, atypisch, chagrijnig mannen had toegeschreven, is nu mijzelf overkomen. Eenzaamheid is mij opgedrongen. Iets wat mij soms naar de keel vliegt, maar niet meer frustreert. Nee, dit is geen noodkreet. Nog steeds heb ik plezier in het leven, houd ik mij vast aan mijn eigen aforisme: “Ik wil niet dat het z’n gangetje met mij gaat.”

Wie kan het zeggen, op z’n zesenzestigste zich te hebben aangesloten bij de Nederlandse Orde van Uitvinders?!. Ja wacht even, na eerst op sterven te hebben gelegen, binnen zes maanden vier operaties te hebben moeten ondergaan en een half jaar door de thuiszorg, vaak drie keer per dag, verzorgd te moeten worden… Ik bedoel maar.

Nog steeds heb ik een paar dagen per week werk in mijn winkel. Heb ik een merknaam bij Het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom laten registreren. Lijkt het er op, dat al die narcoses mij een extra creatief shotje heeft gegeven. Vaak geniet ik van mijn eigen gedachten.

Als ik stiekempjes achterom kijk, heb ik heel veel uit het leven mogen halen. Genoot ik van mijn werk, mijn presentaties, mijn creatieve gedachten, al mijn bijzondere ontmoetingen, waanzinnige feesten, exquise zakenlunches, de VIP behandelingen, de contacten hoog op de ladder van het bedrijfsleven en maakte ik anekdoterijke situaties mee. Tijdens de zevenenveertig jaar met mijn Truus stond lol maken hoog in ons vaandel.

Terug naar mijn stelling: “Mijn leven heb ik geleefd.” En hoe?! Mijn toegift leef ik vaak alleen, zonder een kluizenaar te zijn. Raak er aan gewend om met een kleinere, dan wel passievere vriendenkring er leuk op los te leven. Prijs mij gelukkig, in mijn zusje mijn beste maatje te vinden en doet het mij deugd dat ik digitaal steeds meer echte vriendschap tegenkom.

Al met al is het leven mij nog steeds goed gezind.

0215

4 gedachten over “Toegift

  1. Wendy

    Nol, je bent zo jong als je je voelt! kom op je hebt vast nog vele jaren voor je liggen. Maak er nóg meer van en geniet, ook in deze donkere dagen.

    Reageren
  2. martha

    De tijd dat dingen mogen en niet moeten
    begint bij 40.
    Maar dit heb je bijzonder mooi geschreven.
    Liever tevreden en nagenieten dan nooit geleefd.

    Reageren
  3. dorotique bernards

    een prachtige beschrijving over de herfst van je leven…..dat zouden meer mensen moeten doen. dankjewel voor het delen.
    ‘eenzaamheid is me opgedrongen’ is de meest opmerkelijke zin waarvan ik zeg; die ga ik onthouden ja.
    ook ik altijd een bezige bij doe er alles aan om me hieraan te ontworstelen wat me door mijn campertje aardig lukt.
    groetjes dorotique

    Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading Facebook Comments ...
|
dis©laimer - Site by - Dutch Design Office